Leo’s Blog: Donkere modus, heldere inzichten
Recent kondigde de NS aan dat de informatieschermen op stations vanaf oktober standaard in donkere modus worden gezet. Een ogenschijnlijk kleine aanpassing, met twee duidelijke doelen: betere leesbaarheid én energiebesparing. Een mooi voorbeeld van hoe slimme keuzes op detailniveau kunnen bijdragen aan grotere opgaven. Maar het roept ook vragen op: wat betekent dit voor andere modaliteiten zoals metro, tram, bus of trolley? En kunnen we dit soort initiatieven opschalen tot iets dat écht impact maakt?
Van kilowattuur naar keteneffect
Als je puur kijkt naar de energiebesparing per scherm of per vervoerder, dan lijkt de winst beperkt. De ‘back-of-the-envelope’ berekening die we maakten laat zien dat het aantal bespaarde kilowatturen per organisatie relatief klein is. Maar stel je voor dat álle schermen in het OV-landschap – van haltepanelen tot dynamische reizigersinformatie – overstappen op donkere modus. Dan praten we ineens over een collectieve besparing van formaat. Niet alleen in energie, maar ook in euro’s.
En er zit nog een laag onder: door minder energie te verbruiken, creëer je ruimte op het elektriciteitsnet. Die ruimte kun je zelf benutten, of – afhankelijk van je contract – teruggeven aan de netbeheerder. In een tijd van netcongestie is dat geen detail, maar een strategische keuze.
De EAN-code als bottleneck
Toch is het niet zo simpel als ‘donkere modus aanzetten en klaar’. In de praktijk wordt energieverbruik vaak afgerekend per EAN-code, wat betekent dat de besparing op aansluitniveau minimaal lijkt. Het echte verschil maak je pas als je kijkt naar het grotere geheel: welk energiestation voedt welke aansluitingen, en waar ontstaat er daadwerkelijk ruimte op het net? Pas dan kun je sturen op impact.
Kleine keuzes, groot denken
Wat mij vooral inspireert aan dit voorbeeld van NS, is dat het laat zien hoe kleine, slimme keuzes kunnen aanzetten tot groter denken. Kunnen we dit principe ook toepassen op andere systemen in het OV? Denk aan verlichting in remises, airco-instellingen in voertuigen, of zelfs de timing van laadsessies voor elektrische bussen. Elk beetje helpt – mits we het collectief en strategisch aanpakken.
Hoe nu verder?
Als kennisprogramma kunnen we hier een rol in spelen. Door inzichten te delen, door te laten zien waar de echte impact zit, en door partijen te helpen om verder te kijken dan hun eigen aansluiting. Want verduurzaming en netverlichting zijn geen solospel, maar een gezamenlijke puzzel.
Dus ja, donkere modus is misschien maar een knopje. Maar het zet wel iets aan.
En dat is precies wat we nodig hebben.